Zorgbestuur en maatschappij
Hans Hoek reflecteert op ontwikkelingen in gezondheidszorg en maatschappij
Deze titel is een zin uit het liedje ‘Making Whoopie’ van Gus Kahn, onder andere beroemd gemaakt door Frank Sinatra. Het beschrijft hoe het fraaie huwelijk er een jaar later uit ziet.
Aan die zin, maar dan met de omgekeerde betekenis moest ik denken na onze jaarlijkse externe kwaliteitsaudit. We hebben de afgelopen dagen Certiked over de vloer gehad voor een herbeoordeling van ons kwaliteitssysteem voor advies en interim-management. We zijn daar glansrijk voor geslaagd. Ik had ook niet anders verwacht, want er is bij C3 het afgelopen jaar veel gebeurd.
Ondanks de slechte markt en de verhalen over adviesbureaus, die failliet gaan of sterk in moeten krimpen, hebben wij 2009 met een (klein) positief resultaat afgesloten. We hebben succesvol een heel nieuwe ICT doorgevoerd met virtuele dekstops in servercentra elders en dat nog wel samen met een nieuw klantsysteem en databeheer (CRM).
We hebben laten onderzoeken hoe we het beste leren. Daar hebben we onze ontwikkeling van professionaliteit en de inrichting van onze vrijdagontmoetingen op afgestemd. We komen iedere vrijdag bij elkaar om van elkaar te leren, casussen uit te wisselen, onze werkwijzen te bespreken en zo nodig te verbeteren, ervaringen in opdrachten uit te wisselen en de markt te bespreken. Zie daarover ook de afscheidsblog van Ben van Gent.
We zijn opnieuw begonnen met kleinschalige relatiebijeenkomsten op kantoor, die zeer gewaardeerd worden. We hebben ons beleid geformuleerd en vertaald naar een actieplan, dat we druk aan het uitvoeren zijn (u zult er nog van horen). We hebben speerpunten ter hand genomen voor verheldering en uitbreiding van onze dienstenportfolio. We hebben onze P&C cyclus vernieuwd en onze management informatie nog toegankelijker gemaakt. We hebben delen van onze werkwijzen geëvalueerd en verbeterd. We hebben de invulling van de directie voor de komende jaren bestendigd. We zijn bezig met een proces van verjonging en aanvulling van ons team. En zo zijn er nog een paar dingen.
Het proces van certificering is meestal niet leuk. Ik schreef daar vorig jaar over. Het is bureaucratisch en je moet aan allerlei vormvereisten voldoen. Zo moeten we nu een aantal formuleringen in ons kwaliteitshandboek opnemen, die helemaal niet op ons van toepassing zijn, maar die er volgens de norm in moeten. Vooruit dan maar, baat het niet dan schaadt het niet.
Maar dit jaar was het leuker dan anders. Zo’n audit begint met een gesprek met de auditor, die vraagt naar de ontwikkelingen van het afgelopen jaar en de plannen voor het komende jaar. Bart Wijnbergen (die nu portefeuillehouder kwaliteit is) en ik begonnen te beschrijven wat er allemaal gedaan is in het afgelopen jaar. Als je dat doet en je komt tot een opsomming als hierboven, dan realiseer je je pas echt hoeveel we voor elkaar hebben kunnen brengen in een jaar met onze kleine groep van 11 consultants en 3 medewerkers. Daar word ik best trots van.
Zeker als later uit de audit blijkt dat het allemaal klopt en dat de auditor alles heeft zien werken. Hij stelt niet alleen vast dat wij aan de norm voldoen en aan onze eigen kwaliteitseisen, maar ook dat we ons daar steeds verder in ontwikkelen. We leggen de lat heel hoog, maar we slagen er in om er goed over heen te springen. Dat vraagt wel voortdurende alertheid, oefening en ontwikkeling. Dat is wat alle C3’ers willen, daarop vinden we elkaar.
Mooi als een ander vast kan stellen dat we hoge kwaliteit hebben en die ook nog fors verbeterd hebben dit jaar.
‘See what a year can bring’
Mar 3
Gerrit, Nout, Wouter en Hans op de apenrots
geplaatst om 10:00 in categorie Leiderschap, Observaties
Er is volop discussie en verontwaardiging over de verschillende oordelen van De Nederlandse Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) over de positie van Gerrit Zalm bij DSB. Professor Michiel Scheltema wordt erbij gehaald om de adviezen te wegen en hij geeft de AFM een veeg uit de pan. Bij dit hele proces doet iedereen of het om ratio en logica gaat en of er een objectief oordeel mogelijk is. Maar daarmee wordt de verkeerde wetenschap op dit vraagstuk toegepast. Het gaat niet om bestuurskunde en governance. Je moet hier de biologie en dan vooral de studies over primaten bekijken om het te snappen. Een avond Discovery of Animal Planet geeft de verklaring.

Het gaat hier over de strijd tussen alpha mannetjes op de apenrots. Gerrit Zalm was 12 jaar minister van Financiën. Als zodanig was hij de baas van Nout Wellink en heeft Wellink zijn benoeming voor de tweede zes jaar aan Gerrit te danken. Zowel Wouter Bos als Hans Hoogervorst waren in die periode staatssecretaris van Financiën onder Gerrit Zalm. Daarna moest Hoogervorst als minister van VWS voortdurend strijd voeren met Zalm over geld voor de zorg, een strijd die hij meestal verloor. De hiërarchie in de groep chimpansees is duidelijk. Chimp Gerrit was 12 jaar de absolute baas van de andere alpha mannetjes Nout, Wout en Hans. Toen Gerrit aftrad als minister werd zijn positie als leider van de groep chimpansees kwetsbaar, zeker toen hij geen fatsoenlijke baan kon krijgen en bij DSB begon. De leider is gewond en de andere alpha mannetjes bijten in zijn wonden en gaan de strijd aan. Alpha man Wouter wint voorlopig en wordt de baas van Nout en Hans. Hij benoemt vervolgens Gerrit in een positie, waarin hij ook diens baas is.
Nout moet ondertussen twee keer de credentials van zijn vroegere baas Gerrit beoordelen. De eerste keer als bestuurder van DSB en de tweede keer als bestuurder van ABNAMRO. Nout is nog steeds een beetje bang van Gerrit en dankbaar dat hij van Gerrit zo lang mag blijven zitten. Dus denk maar niet dat aap Nout aap Gerrit gaat bijten. Zeker niet omdat Nout weet dat de nieuwe leider chimp Wouter zijn voorganger Gerrit nog steeds beschermd. Chimp Hans staat een beetje buiten spel. Die heeft zijn eigen speeltje en bemoeit zich niet met de rest.
Maar dan wordt het moeilijk. Chimp Nout moet beoordelen of hijzelf, chimp Nout, chimp Gerrit wel goed heeft beoordeeld. Hewitt is niet verrassend dat chimp Nout, die nog zes jaar op de apenrots wil blijven, tevreden constateert dat hij het geweldig heeft gedaan en dat zijn vroegere leider chimp Gerrit brandschoon is. Maar chimp Hans wordt onrustig en ziet kansen om te stijgen in de pikorde van alpha mannetjes, zeker nu de positie van Wouter als leider voorbij is. Dus die slaat toe en zegt dat het niet zo goed gaat.
Zie daar de voortdurende strijd tussen vier alpha mannetjes op de apenrots die financieel toezicht heet. Vergeet al de bestuurskundige en de politieke implicaties. Kijk naar de biologische drijfveren van deze alpha mannetjes. En stuur er een leeuw op af om er een paar te elimineren, zodat er vers bloed aan de top van de Nederlandse financiële apenrots komt.
Mar 2
De avonturen van Gover en Nance (13) Kwajongens
geplaatst om 15:00 in categorie Avonturen Gover&Nance
‘En nu wil ik het weten’ zegt Gover een paar dagen later als de winkel net gesloten is. ‘Wat wil je weten?’ vraagt Nance. ‘Waarom je bestuurders kwajongens vindt, zoals je zondag zei’.
‘Wel dat is heel duidelijk’ Nance schopt haar schoenen uit en schenkt hen beiden een glaasje wijn in, het vaste ritueel aan het eind van de dag.
‘Er is een Engels gezegde “the difference between the men and the boys is the price of their toys”. Dat zie je aan het gedrag van veel bestuurders. Een Maserati kopen op kosten van de woningcorporatie, is misschien een extreem voorbeeld, maar veel bestuurders zorgen dat ze over leuke speeltjes beschikken. Net als kwajongens doen ze graag stoer en scheppen ze graag over hun veroveringen op. Daarom zijn overnames van andere bedrijven ook zo populair. Dat is gewoon het ouderwetse landjepik. De flinkste kwajongen wint het gevecht. De verliezer houdt zijn tranen binnen en doet net of hij blij is met de fusie. Is het je overigens weleens opgevallen dat de winnaar spreekt van een overname (waar hij wint) en de verliezer van een fusie (waarin de schijn van gelijkheid blijft). Vooral in de zorg zijn ze er sterk in om overnames een fusie te noemen’. Nance pauzeert even en neemt een slokje wijn. Meestal is ze niet zo lang aan het woord. Ze is ook verbaasd dat Gover zo geduldig luistert. Ook nu zegt hij niets en knikt haar bemoedigend toe.
‘Dat kwajongensgedrag verklaart ook waarom de bonuscultuur maar niet te stoppen is. Bankiers gedragen zich als rotjochies, die niet voor elkaar onder willen doen. En als je weet wat de ander krijgt, dan moet jij meer hebben. Anders ben jij de loser en verlies je je plaats in de pikorde van de ‘streetgang’ (jeugdbende), die de bankwereld eigenlijk is. Ook het gedoe met steeds jongere vrouwen aan de arm van de bestuurder, het zogenaamde ‘trophy wife’ laat zien dat die mannen niet volwassen zijn, maar kwajongen zijn gebleven. Ze zijn steeds stoer en onoverwinnelijk, ook al hebben ze er een puinhoop van gemaakt en zijn ze met pek en veren overladen aan de kant gezet, vanwege wanprestatie. Kijk maar eens naar de arrogantie van Groenink voor de commissie De Wit en het lef waarmee Jiskoot met een paar andere kwajongens een nieuwe zakenbank start, terwijl zo’n zelfde zakenbank met Jiskoot ABNAMRO miljarden heeft gekost. Of kijk naar Victor Müller, die in plaats van Dinky Toys een echte autofabriek koopt met geld van een ander. Want dat vind ik misschien nog wel het kwalijkste aan het machogedrag van die kwajongen-bestuurders. Ze vieren feest met het geld van een ander, of dat nu de klant, de aandeelhouder of allebei is.’

‘Je bent wel erg negatief over bestuurders’ werpt Gover voorzichtig tegen, bang dat hij door zijn zus als kwajongen zal worden beschouwd en ze hem zijn avontuur met de roeiers voor de voeten werpt. Ik ben niet negatief over bestuurders. Het is een zwaar en moeilijk vak, dat maar weinig mensen goed kunnen uitvoeren. Er is dus veel kaf onder het koren. Wat mij stoort is dat juist dat kaf zich vaak geweldig vindt en de kwajongen uithangt. Er is inmiddels veel onderzoek gedaan dat aantoont dat bedrijven het meest succesvol zijn met een bescheiden leider, die de eer aan zijn mensen gunt en lang verbonden is aan de organisatie. Toch kicken we nog steeds op die kwajongens met de grote bek, die meer kapot maken dan je lief is. Ik begrijp dat niet en ik erger me er aan’. Nance neemt een flinke slok wijn, die ze aandachtig proeft. Hij smaakt een beetje zuur, maar dat kan ook aan haar betoog liggen, dat ze zelf een beetje zuur vindt.
‘Ik ben het met je eens’ zegt Gover tot haar verrassing. ‘Om de een of andere reden willen mensen “sterke leiders’’ en denken ze dat te vinden met dit soort macho’s. In de politiek is het niet anders. En het werkt nooit. De meeste mensen zijn niet zo krachtig. Ze worden machtig door ellebogenwerk en door tegenstanders te elimineren, niet omdat ze echt de beste voor de baan zijn. De mens wil nu eenmaal bedrogen worden. Wat jij de kwajongen-bestuurder noemt bedriegt zijn omgeving met schijnprestaties en hij bedriegt zichzelf door geloof in zijn eigen voortreffelijkheid’.
‘Mooi gezegd, broertje’ onderbreekt Nance hem, want ze wil niet dat Gover het laatste woord heeft. ‘Maar hoe komen we dan wel aan de goede bestuurders?’. ‘Zullen we naar huis gaan en daar een betere fles wijn open maken?. Dan kunnen we daar verder filosoferen’. Gearmd verlaten broer en zus de winkel.
Feb 24
De avonturen van Gover en Nance (12) De badjuffrouw
geplaatst om 10:57 in categorie Avonturen Gover&Nance, Governance
Gover en Nance zijn op een druilerige zondagmiddag jeugdfoto’s aan het uitzoeken en inplakken.
Als Nance terugkomt uit de keuken met een vers kopje thee zit Gover dromerig voor zich uit te staren. ‘Wat is er Gover, wordt je weemoedig van die oude foto’s’ vraagt Nance.
‘Dat ook, maar ik zie ineens een mooie metafoor’ zegt Gover en hij laat Nance een foto van zijn zusje in het zwembad zien, waar ze zwemles krijgt aan de hengel van de badjuffrouw. Nance trekt haar wenkbrauwen op en wil vragen wat Gover bedoelt, maar hij is haar voor.
‘Van de week had ik een klant in de zaak die me vroeg wat goed toezicht is. Ik heb haar dat met veel woorden uitgelegd en haar een goed boek erover verkocht. Maar ondertussen dacht ik dat het toch raar is dat ik na zoveel jaar niet in een paar woorden kan uitleggen wat goed toezicht is. Dat heb ik nu gevonden: Het werk van de klassieke badjuffrouw is hét voorbeeld van goed toezicht’. Ze is niet opvallend of dominant, maar ze is overal aanwezig en ze ziet alles. Als je je niet goed voorbereidt of niet aan de spelregels houdt, omdat je je voeten niet gewassen heb of geen badmuts op hebt, stuurt ze je vriendelijk maar resoluut terug. Ze overziet het hele zwembad en kan met een enkele opmerking een risicovolle situatie oplossen. Ze troost je als je valt, maar ze is onverbiddelijk streng als je je misdraagt. Ze helpt je om te leren zwemmen, maar ze neemt het niet van je over. Maar als het echt mis gaat, dan springt ze in het water en redt een kind van de verdrinkingsdood. En gaat daarna op dezelfde rustige manier door dat kind te leren zelf te zwemmen. Ze geeft niet om uiterlijk vertoon en stelt zichzelf niet centraal. Ze houdt dienend toezicht maar met duidelijke regels en een strakke handhaving.’

Gover moet even op adem komen na dit lange betoog. Nance knikt hem vriendelijk toe en vraagt Gover om te verduidelijken waar de parallel zit, ook al begrijpt ze dat heel goed. Gover voelt zich aangemoedigd door zijn zus en gaat gloedvol verder: ‘Raden van toezicht of raden van commissarissen kunnen wat leren van de badjuffrouw. Voor toezicht zijn heldere kaders nodig waar raad van bestuur en raad van commissarissen zich aan houden. Als de raad van bestuur zich niet aan die kaders houdt, wordt hij teruggefloten. Als hij zich niet goed voorbereidt op een dossier neemt de raad van toezicht het niet in behandeling en stuurt hem terug. De toezichthouder overziet alles en is duidelijk aanwezig, zonder te overheersen of zichzelf centraal te stellen. Hij ondersteunt de raad van bestuur als het even wat minder gaat, maar gaat er wel van uit dat de raad van bestuur zelf de problemen oplost. Als een nieuwe raad van bestuur het vak nog moet leren (leren zwemmen), dan is de raad van toezicht daarin ondersteunend, zonder het over te nemen. Maar als het echt mis gaat springt de raad van commissarissen bij en helpt de raad van bestuur om de organisatie niet te laten verdrinken. Goed toezicht is dus handelen zoals de badjuffrouw’.
‘Je hebt nog steeds veel woorden nodig, maar het is wel een mooie metafoor’ zegt Nance, terwijl Gover zijn –inmiddels koude- kopje thee drinkt. ‘Maar waarom een badjuffrouw en geen badmeester?’. ‘Ik weet niet hoe het bij de meisjes zat’ zegt Gover ‘maar de badjuffrouw had gezag dat je als klein jochie accepteerde, terwijl we de badmeester altijd probeerden te provoceren. Wat meestal nog lukte ook. Misschien is dat wel masculien gedrag bij die kleine jongens, maar het zit ook in de badmeester, die autoritair was en zichzelf een hele Piet vond. Daarmee riep hij weerstand en provocerend gedrag op. Ik zie sommige president-commissarissen zich ook gedragen als de autoritaire badmeester. Dat roept kwajongensgedrag op bij de raad van bestuur. In ieder geval is het wel een mooie aanvulling op de metafoor. Misschien is toezicht houden wel een feminiene activiteit en zijn vrouwen daar beter in dan mannen.’
‘Maar je zegt ook dat raden van bestuur zich soms als kwajongens gedragen. Dat ben ik met je eens. Ik heb dat als eens vaker gedacht’ zegt Nance. ‘Vertel’ roept Gover. Maar Nance houdt het af. Een andere keer, want nu moet ze eten gaan koken.
Rokjesdag is door wijlen Martin Bril tot een begrip gemaakt. Het is de eerste dag in de vroege lente dat vrouwen massaal besluiten in een zomerrok en met blote benen de straat op te gaan. Dat doen ze meestal als het er nog veel te koud voor is.
Volgens mij zijn er overigens meer van die momenten in het jaar, waarin de kleding voor het volgende seizoen gedragen wordt, terwijl het er nog geen weer voor is. Zo zie je begin oktober ineens veel winterkleren, terwijl het nog 18 graden is. Ik begrijp dat wel. Door de idiote cyclus in modezaken moet een vrouw in augustus haar winterkleren kopen en in januari haar zomerkleren. Die hangen dan al vier maanden in de kast voor het seizoen zich aandient. Op een gegeven moment is de verleiding dan groot de kleding aan te trekken, ook al is het weer er nog niet naar.
Afgelopen donderdag was er kennelijk ook zo’n dag. Ineens hadden jonge meiden de Uggs met dikke maillot en winterjack of de winterbroek in laarzen uitgedaan. Op grote schaal waren die vervangen door nieuwe Converse All Stars met daarboven een skinny jeans en een kort jack met trui of blouse eronderuit. Voor wie het niet weet Converse All Stars zijn de klassieke enkelhoge basketball schoenen van canvas met een rubberzool. Ineens zie je in de stad en op de fietspaden die witte rubberzolen onder verschillende kleuren canvas. Jongens doen ook een beetje mee. Die trekken hun nieuwe schoen sneakers aan.

Het was donderdag zeker geen weer voor dunne canvas schoenen, maar dat doet er niet toe. Kennelijk bestaat er ook zoiets als All Stars Day, waarbij jonge meiden allemaal bedenken dat ze hun nieuwe schoenen voor het voorjaar aan moeten doen. Wat zullen ze een koude voeten gehad hebben.
Feb 17
Governance tips (4) Zorgcommissie van de raad van toezicht
geplaatst om 10:00 in categorie Governance
Ik krijg de laatste tijd steeds vaker de vraag van toezichthouders of het instellen van een auditcommissie voor de inhoud van de zorg gewenst is. Bestuurders vragen zich af of ze naast Financial Control en Human Resources Control ook een vorm van Zorg Control in moeten voeren. Die zaken hangen gedeeltelijk met elkaar samen. Een audit commissie voor zorg kan haar werk minder goed doen als er geen Zorg Control is.
In dit artikel beschouw ik de vraag naar een audit commissie Zorg. Lees meer »
Vanmorgen (16/2/2010) stond in de Volkskrant een artikel van mevrouw dr. M. Bussemaker, staatssecretaris van VWS. Mevrouw Bussemaker verdedigt in dat artikel het beleid van VWS voor de AWBZ als reactie op een artikel van Nieuwenhuizen Kruseman en Wesseling in dezelfde krant op 8 februari.
Het artikel bevat geen nieuwe informatie. Ik ga dan ook niet op de inhoud in, maar kijk ernaar vanuit governance oogpunt.
Het artikel bevat 13 keer woorden als ‘ik’ en ‘mijn’ en het is geschreven door ‘Jet Bussemaker’. Dat leidt tot de vraag of de persoon Bussemaker of de functionaris de staatssecretaris hier schrijft. Mevrouw Bussemaker. Van de 13 persoonlijke statements zijn er 5 actief ‘doe ik’, ‘voer ik in’, ‘Ik heb een fors begin gemaakt’, ‘Mijn uitdaging is’.
Dat roept het beeld op dat de persoon Bussemaker in haar eentje en op eigen kracht de AWBZ verandert. Alsof er geen hordes ambtenaren aan werken, er geen adviezen worden uitgebracht, de Tweede en Eerste Kamer er niet over gaan en of uitvoeringsinstanties niet van alles moeten doen om het ‘ik doe’ van Jet waar te maken.
Het lijkt me een vorm van zelfoverschatting om jezelf zo centraal te stellen in een langdurig veranderproces, waar je toevallig vier jaar leiding aan mag geven. Bussemaker staat daarin overigens niet alleen. Veel bewindslieden en Kamerleden doen alsof zij als persoon het verschil maken en alleen deze persoon in zijn of haar eentje een groot probleem op kan lossen. Bestuurders van grote ondernemingen vertonen vaak hetzelfde gedrag. Hij (zelden een zij) heeft het bedrijf van de ondergang gered. De autobiografie van Lee Iacocca en de publicaties van Jack Welsh zijn daar extreme voorbeelden van. Een beetje meer bescheidenheid in de politiek en in de top van het bedrijfsleven zou geen kwaad kunnen. Niemand krijgt in zijn eentje iets voor elkaar.
Feb 11
Governance principes voor de regering
geplaatst om 10:30 in categorie Governance, Maatschappelijke ontwikkelingen
De regering heeft dinsdag een compromis bereikt over haar reactie op het rapport Davids. Uit de berichten hierover blijkt dat vicepremier Rouvoet een oplossing heeft bewerkstelligd door een slimme zin. Balkenende is dus niet over zijn schoongemaakte stoepje gevallen, zoals ik eerder verwachtte. Ik ga verder niet op de inhoud van de casus in, maar vanuit governance oogpunt is het verloop van het proces wel bijzonder.
Jan Peter Balkenende is op allerlei manieren betrokken bij het onderwerp. Hij was premier toen de beslissing voor de missie naar Uruzgan genomen werd. Hij is premier nu het resultaat van het onderzoek bekend wordt en is de enige bewindspersoon van toen, die nu nog in functie is. Hij heeft steeds geprobeerd een onderzoek tegen te houden. Hij heeft dit onderzoek geëntameerd. En de resultaten gaan deels over hem als persoon en als functionaris.
In iedere andere bestuursomgeving trekt een persoon, die zo diep in een zaak is verwikkeld, zich terug uit de besluitvorming. Een chirurg zal zich terugtrekken als zijn vrouw of kind geopereerd moeten worden. Een rechter gaat geen zaak leiden, waarbij hij ook maar in de verste verte bij betrokken is. Doet hij dat wel, dan zal hij met succes gewraakt worden. Een officier van justitie die van fraude of lekken van informatie verdacht wordt, zal niet als aanklager in die zaak optreden. Wanneer een college van B&W moet beslissen over een uitbreidingsplan, waarvoor grond van een van de wethouders moet worden aangekocht, dan zal die wethouder niet aan de beraadslaging van het college deelnemen. Een commissaris of een bestuurder, die persoonlijk belang heeft bij een zaak die in de raad van commissarissen of de raad van bestuur aan de orde komt heeft twee keuzen. Als het om een eenmalige zaak gaat, dan zal de commissaris of bestuurder bij de beraadslaging over dat onderwerp afwezig zijn. Is het heel principieel, dan treedt hij af, voordat er in de betreffende casus besluiten genomen worden.
Dit beginsel van goede governance geldt kennelijk niet voor het bestuur van het land. Als het huidige kabinet volgens dit principe had willen handelen, dat had Balkenende zich geheel uit de beraadslagingen over het rapport Davids moeten terugtrekken en dat over moeten laten aan een van zijn vicepremiers. Rouvoet ligt dan het meeste voor de hand, omdat ook Bos al bij deze casus betrokken was. Dat is niet gebeurd. De bestuurder, die het meest betrokken en gecompromitteerd was in deze casus heeft zelf leiding gegeven aan de besluitvorming.
Dat is dus hele slechte governance. Ook de toezichthouder, de Tweede Kamer, heeft dat laten gebeuren. Niemand heeft de vraag gesteld ‘Excellentie, u hoort zich terug te trekken uit deze besluitvorming. Waarom doet u dat niet?’.
Als zich een dergelijke situatie bij een bank of een ziekenhuis voor zou doen, zou de vakminister er direct schande van spreken en zou de Kamer direct om een spoeddebat vragen. Speelt dit in eigen kring, dan zijn deze principes van goed governance ineens niet aan de orde.
Wordt het geen tijd voor een wettelijke governance code voor het landsbestuur? Want de zelfregulering laat het hier kennelijk volledig afweten. Wellicht past voortaan enige bescheidenheid van de politiek, als men negatief wil oordelen over governance van anderen.
Hier past het citaat uit Mathéüs 7:
‘Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt. Want met welk oordeel gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden; en met welke mate gij meet, zal u wedergemeten worden. En wat ziet gij den splinter, die in het oog uws broeders is, maar den balk, die in uw oog is, merkt gij niet? Of, hoe zult gij tot uw broeder zeggen: Laat toe, dat ik den splinter uit uw oog uitdoe; en zie, er is een balk in uw oog? Gij geveinsde! werp eerst den balk uit uw oog, en dan zult gij bezien, om den splinter uit uws broeders oog uit te doen.’
Feb 10
De avonturen van Gover en Nance (11) Transparant
geplaatst om 12:00 in categorie Avonturen Gover&Nance
Het is al een tijdje geleden dat Gover op stap was met een paar oude roeivrienden van hem. Op een van de eerste warme dagen van mei (2009) zaten de heren na enige lichamelijke inspanning op een terras aan het water met een grote pint bier en allerlei cholesterol verhogende voedingswaren. Roeien ging niet meer zo goed, maar hijsen kunnen deze middelbare heren nog als de beste.
Laten we eerst het illustere gezelschap eens aan u voorstellen (in verband met de privacy van de heren, zijn de namen gefingeerd). Jonkheer Willem Hendrik, bijgenaamd Billie Bonus, is een vooraanstaand bankier (‘vooraanstaand betekent volgens zijn maat Simon dat Billie vooraanstaat als er bonussen worden uitgedeeld), wiens eigen financiën veel beter op orde zijn dan van de bank, die hij leidt. Billie is goede maatjes met Simon Scheiding, die zijn bijnaam ontleent aan de vele wisselingen van huwelijkspartner. Zijn huidige bruid is vier jaar jonger dan zijn oudste dochter en een stuk blonder. Simon is rijk geworden in de ICT en arm van de scheidingen.
Berend Boek heet zo, omdat hij het type intellectueel is, die je met boek en pijp uit kunt tekenen. Na een kort verblijf in een commune is Berend verder alleen gebleven met zijn boeken. Hij verdient als schrijver een karige boterham. Gover en Berend zijn goede vrienden. Ze worden door de andere ex roeiers een beetje als mislukt gezien. Geen vrouwen en geen geld, dan tel je toch niet mee. Maar als je ’s middags als ‘oude vier’ als laatste in een seniorenwedstrijd geëindigd bent en nu je verdriet daarover verdrinkt, vallen de tegenstellingen weg.
Bij het achtste glas merkt Billie snedig op, dat zelfs bier niet meer transparant is tegenwoordig. Lees meer »
Feb 8
De avonturen van Gover en Nance (10) Censuur
geplaatst om 13:54 in categorie Avonturen Gover&Nance
De biograaf van Gover en Nance legt trouw hun belevenissen vast voor het nageslacht. Hij gaat er vanuit dat hij die steeds kan publiceren. Voor een van de avonturen van Gover bleek dat niet te gelden. Gover wilde niet dat er iets geschreven werd over een uitstapje van hem met een paar oude vrienden in mei vorig jaar. Ondanks sterk aandringen van Nance was Gover onvermurwbaar. Wellicht had het te maken met zijn gemoedstoestand vlak voor de studiereis, maar de censuur bleef.
Nance en de biograaf besloten de zaak te laten rusten tot er zich een gelegenheid aandiende. Die kwam toen Rijkswaterstaat besloot om een boek van Marcel Metze, dat in haar opdracht geschreven was, niet te publiceren. Het boek zou niet objectief genoeg zijn en sommige mensen in een kwaad daglicht stellen. Metze mocht niet publiceren en Rijkswaterstaat overwoog zelf een gecensureerde versie uit te brengen.
Zoals te verwachten was, wond Gover zich er over op en sprak hij er schande van. ‘Als je het niet aandurft je zwakke kanten te laten zien, dan moet je zo’n opdracht niet geven’ brieste Gover. Het werd heel stil in de winkel toen Nance aan Gover vroeg: ‘En jij dan? Gelden voor jou andere normen en waarden dan voor Rijkswaterstaat? Jij bent er toch zo op tegen als mensen vinden dat zij boven het volk verheven zijn en voor zichzelf soepelere normen gelden? Ga je nu je biograaf bellen, excuses maken en hem vragen het avontuur met je vrienden alsnog te publiceren?’
Dat had ze beter niet kunnen zeggen. Typisch zo’n geval van gelijk hebben, maar het niet krijgen. Gover mompelde iets onverstaanbaars en beende de winkel uit. De sfeer tussen Nance en Gover is zowel in de winkel als aan de eettafel nog dagen onaangenaam geweest.
Gover’s ijdelheid stond hem in de weg om zijn ongelijk toe te geven. Maar hij is intelligent en integer en hij bleef dus broeden om een mogelijkheid om zonder al te veel gezichtsverlies alsnog met publicatie in te stemmen. Die mogelijkheid kwam toen Rijkswaterstaat (na het vertrek van de directeur-generaal) alsnog besloot om het boek van Marcel Metze ongecensureerd uit te geven.
Gover wachtte nog heel even en belde daarna zijn biograaf: Zeg ik heb er nog eens over nagedacht en het er met Nance over gehad, maar ik zou het toch zeer op prijs stellen al je die episode uit mei vorig jaar alsnog zou willen publiceren. Ik had graag het goede voorbeeld gegeven, maar Rijkswaterstaat was mij voor’. De biograaf was zo slim om te vragen of er ook over deze worsteling met publiciteit geschreven kon worden. Gover werd even stil en moest driemaal slikken en riep toen ‘Maar natuurlijk. Het past bij good governance dat ook moeilijke afwegingen transparant zijn’ Waarvan akte.
Was het dan zo’n schadelijk verhaal, dat publicatie ongewenst was? Dat leest u in het volgende avontuur.